De eerste schooldag

Ik had er zo mijn eigen voorstelling van gemaakt. School was voor mij een soort Academie van Plato. De verwarring was dan ook groot toen de juffrouw op mijn eerste schooldag ons voorstelde om de volgende zin te leren lezen en schrijven: “Zeg Mies, zeem jij de ruit voor moe”.
Mijn hooggestemde verwachtingen van school waren ontstaan door een soort bestudering van de wereld van mens en dier. Die avontuurlijke studies in en rondom mijn ouderlijk huis leidden tot ingewikkelde vragen. Wat gebeurde er bijvoorbeeld tijdens een “vergadering”, waar mijn vader en ook mijn moeder af en toe naar toe moesten?

En hoe wisten de volwassenen en de dieren zo goed wat ze moesten doen? Hoe kwam het dat achter ieder antwoord weer een nieuwe vraag opdook? De school, daar was ik van overtuigd, zou mij wegwijs maken in die wonderlijke wereld. En daar zouden ze niet lachen om mijn vragen.
Toen mijn ouders ’s avonds vroegen wat ik van school vond, kon ik geen antwoord geven. De teleurstelling was te groot. Dat is nu 19206 dagen geleden.
Vera de Groot, Amsterdam 31 maart 2007